L01 Oervormen van muziek

 Alvorens met de cursus voor dit seizoen te beginnen is het mooi even stil te staan bij wat er de afgelopen maanden is gebeurd.

Misschien geen klassieke muziek, maar wel over iemand die de hele wereld even heeft bezig gehouden: Dolly Parton. Ze maakte van haar "ordinaire" uiterlijk (dom blondje) haar handelsmerk. Ze was verre van dom natuurlijk en was een begenadigd muzikante, die haar eigen muziek schreef. Een YT: 9 to 5. (film)

In de afgelopen weken was er ontzettend veel te doen op klassieke muziek gebied. In de Boskapel hoorde ik bijv een Chinese pianiste Wenwen Zhao Ravels Valse Nobles spelen. Hier een opname van Pogorelich deel I. Je hoort hier natuurlijk de 3/4 maat. Maar die hoor je ook in het tweede deeltje, maar dan veel minder uitgesproken. En dat is vaak datgene wat je moet doen met muziek: zelf invullen.

Basics

Maar goed. Ik wil eens terug naar de basics van wat muziek is. Bekijk je het natuurkundig (mijn vak), dan is het niets meer dan het trillen van luchtdeeltjes. Eigenlijk minimale luchtdruk verschilletjes, die op je trommelvlies terechtkomen die wij waarnemen als geluid. En dat laatste is absoluut niet vanzelfsprekend. 



De vertaling van geluid naar beleving in je hersenen is verre van eenvoudig en verre van objectief. Iedereen ervaart geluid op zijn eigen manier en iedereen leert geluid herkennen op zijn eigen manier. En voordat we spreken van "muziek" zijn we eigenlijk een aantal stadia verder in het beleven van geluid.

Een van de meest opzienbarende stukken muziek is de muziek van de stilte. Kortom: geen geluid. Er is een stuk van John Cage dat heet: 4'33". Het kan door iedereen gespeeld worden. Je "hoort" het hier met het Berlijns Phil. orkest Olv Petrenko. Het begin en het einde. John Cage is bekend om zijn experimentele muziek, en laat eigenlijk horen dat er geen absolute stilte bestaat in een concertzaal of in een "dode kamer" waarin je je eigen bloed hoort stromen of je hart hoort kloppen.

Een ander belangrijk aspect in de muziek is wanneer er binnen de muziek geen muziek is. Een "rust" kan heel kort duren, maar ze zijn essentieel natuurlijk.

Mijn voorbeeld is Het Adagio of strings van Samuel Barber. Het is sowieso "verstilde" muziek met zachte strijkers. Het begin: hoe klonk het ook alweer (2'), en dan de beroemde rust na het forte (sterke) gedeelte op 6'10": 4 seconden volledige stilte om de draad weer op te pakken. Er zijn talloze voorbeelden, en het huiswerk zou kunnen: Pak een willekeurig stuk muziek en hoor eens over "stiltes" zijn. (Bijv. Beethoven 5de heeft nogal wat, die vaak in de echo verzuipen van de zaal).

Ruisachtige klanken

Een andere vorm van stilte is misschien "ruis". Dat is het geluid van willekeurige golven die op je afkomen. Het zijn de golven die vaak uit de ruimte komen en eigenlijk een verzameling is van heel veel golfjes tegelijk. We horen iets van Witte Ruis. Of misschien herinner je je de radio als die niet op een zender stond. In ruis zitten verschillende frequenties door elkaar heen. Applaus is ook een vorm van ruis of het ritselen van blaadjes. Ruis heeft ook een kleur. Ritselen zit bijvoorbeeld in de hogere frequenties. Denk ook aan je eigen "lichaamsruis" of wellicht "piepjes" met vaak een ondefinieerbare frequenties. Die trilhaartjes in het slakkenhuis doen het echt niet "stil" zeg maar. 

In de muziek komt eigenlijk heel veel ruis voor en dat is de zogenaamde NIET-stemhebbende muziek en dat heeft natuurlijk alles te maken met SLAGWERK: trommels, ratels, knippen met je vingers, castagnetten er is een heel scala aan mogelijkheden. 

We luisteren naar de inleiding met een trommeltje: De Bolero van Ravel. Je hoort een een trommelaar een zeker ritme staan. Voordat het begint hoor je ook applaus. Dudamel met de Berliner.

Het volgende stuk is van Edgard Varese. Het is geschreven in 1931 en heet Ionisation. Je hoort nu een combinatie van verschillende slagwerken, waarbij sommige instrumenten overigens WEL stemhebbend zijn. Aan jullie om er een paar te ontdekken, want het slagwerk scala kent ook stemhebbende instrumenten. We hebben dus instrumenten/muziek waarbij het lastig is om er een TOON in te onderscheiden, terwijl het toch een bepaalde kleur heeft.

Ook in het spreken kennen we het alfabet met klinkers en medeklinkers: Die medeklinkers zijn: B, C, D, F, G, H, K, L, M, N, P, Q, R, S, T, V, W, X, Z. Ze hebben allemaal een bepaalde kleur en zijn dus NIET stemhebbend en uiterst bepalend wat we als mens bedoelen en uiten.

Stemhebbende klanken.

Als we het hebben over ruis, dan hebben we het eigenlijk over een verschillende frequenties die je tegelijk naast elkaar hoort. In feite is dus een TOON een bepaalde frequentie uit die ruis. In de muziek is de dwarsfluit  het instrument dat bij hoge tonen (hoge register) de meest zuivere toon (sinusgolf) kan produceren. En natuurlijk een synthesizer of de stemvork. Bij de lagere tonen hoor je altijd "Extra" tonen, die het instrument zijn klankkleur geeft. 


Een dwarsfluit heeft hele "mooie" gedefinieerde toon (sinus). Als je een A (440Hz) speelt, hoor je eigenlijk maar hoofdtoon. 
Een mooi voorbeeld van een solo dwarsfluitstuk is Syrinx van Claude Debussy. Het is een fluitsolostukje. Bij de lagere klanken hoor je de typische "dwarsfluit"kleur bij de hogere tonen verdwijnt de kleur (denk ook aan die hoge sopranen). En let ook eens op de STILTES tussen de zinnen/lijnen van muziek
Bij sopranen is de Koningin van De Nacht wel het mooiste voorbeeld van een hoge zuivere toon, waarbij de klank, de verstaanbaarheid wegvalt. De Aria. Bij de lage tonen hoor je klank bij de hoogste tonen valt dat weg. Maar wat een stuk! 

Buiten het slagwerk zijn de meeste instrumenten stemhebbend. Ieder instrument heeft zijn eigen kleur en mogelijkheden, waarbij de verschillende klassen van instrumenten kunnen onderscheiden.

Snaarinstrumenten: Violen, Celli, Piano: je kunt ze aanslaan of aanstrijken



Fluiten of Blaasinstrument: Dwarsfluit, blokfluit, Klarinet, Hobo, Fagot, Accordeon

Stemhebbend Slagwerk: trillende blokken, of buizen die je kunt aanslaan, triangel

Niet Stemhebbend Slagwerk



Geen mooie herhalende golfjes, maar een veelvoud aan verschillende frequenties. Kortom een warboel aan golfjes en frequenties


Klankkleur:

Ieder instrument heeft zijn eigen karakter. Dat komt omdat er naast de hoofdtoon, er altijd boventonen ontstaan (extra tonen!). Ieder instrument is daarmee uniek qua klank. Het is leuk om verschillende instrumenten qua "boventonen" bij elkaar te zetten.  Als we spreken van stemloze instrumenten, dan zul je zien dat er veel, vaak niet te onderscheiden frequenties zijn.

Als je een A (440Hz) op een viool speelt, dan hoor je dat misschien wel, maar er zijn er veel meer. Je ziet een hele hoop extra piekjes van frequentie, terwijl de sinus absoluut geen sinus meer is maar een soort "zaagtand".  Het geeft de viool een scherpere klank. De achterliggende oorzaak is de klankkast van een viool. Die genereert heel veel extra "boventonen". En daarom is een goede viool ook zo duur, want wanneer is zo'n klankkast optimaal (voor iedere frequentie!!)

Voor viool zijn heel veel solostukken geschreven. Het is een van de moeilijkste instrumenten: Hoe krijg ik er een mooie toon uit en is het wel de goeie hoogte.

Jullie horen een stukje uit de chaconne van JS Bach. Het is voor SOLO viool, terwijl de viool voortdurend over twee snaren (dus twee tonen wordt bespeeld).

Toonhoogtes

Als een instrument wordt bespeeld, dan heeft het een bepaalde toonhoogte die je op een bepaalde manier kunt bedienen van hoog tot laag. Van een instrument heet dat het bereik: een Piano heeft een groot bereik, een triangel 1 toon, een contrabas is laag, een piccolo is hoog.

Snaren: 

Bij een piano is het makkelijk: losse snaren die je met hamertjes aanslaat, met iedere snaar zijn eigen hoogte. Bij een piano is de toon ook erg complex: Dat komt ook weer vanwege die klankkast die een piano heeft. 

De Moraal van dit alles: Ieder instrument heeft zo zijn eigenschappen. Hoe complexer de toonvorm, des te moeilijker is het om het te maken. De viool is daar een goed voorbeeld van. De ervaring van wat een mooie viool is, is natuurlijk subjectief. En dan moet het ook nog mooi klinken over het hele bereik, dus van laag tot hoog.

Hoe zou muziek zijn begonnen??

Dat is een tamelijk speculatieve vraag, maar je kunt jezelf daar natuurlijk wel een idee van vormen. De mens is voorzien van twee belangrijke detectoren: de oren, waarmee hij in zijn drang naar overleven kan vluchten voor gevaar, maar ook op jacht kan gaan. 

De mens is ook voorzien van een stem, waarmee hij klanken kan voortbrengen, stemhebbend en niet-stemhebbend. Verder heeft hij ledematen, waarmee hij kan trommelen, wellicht geïnspireerd door de specht. En wat te denken van de interne hartslag van ongeveer een seconde. Het is een een ritme wat ieder kind van zijn/haar zwangere moeder meekrijgt. En die moeder zal ook zingen en geruststellende geluiden voortbrengen. Kortom een slaapliedje zal niet ver weg zijn als eerste vorm van muziek. 

En wellicht als het kind wat ouder is, is het Wiegenlied van Brahms een mooi eerste stap: Eenvoudig, een rustig ritme.

Omdat de mens creatief, zal hij/zij op zoek gaan naar allerlei hulpmiddelen en de buis ontdekken, waarin geluidsgolven "resoneren". De mens heeft ontdekt dat wanneer je er gaatjes in boort, er verschillende tonen uitkomen. De Seljeflote is een stuk wilgenhout dat je uitholt en het uiteinde af te dekken kun je verschillende boventonen mee maken. Fascinerend. Met een trompet is dat ook mogelijk: een melodie maken door het met je lippen op verschillende manieren aan te blazen. Het ultieme voorbeeld is "The Last Post", dat bij heel veel dodenherdenkingen wordt gespeeld. Deze is in Australie (en ook ieder avond om 20:00 in Ieper).

Misschien is ook gebruikt ter afschrikking in oorlogen. De Schotten konden er wat van met doedelzakken. Men schrok zo van de "Highland Bagpipe" dat men er voor op de vlucht sloeg. Destijds werd het zelfs als een "oorlogswapen" bestempeld. De bagpipe bestaat uit een lange buis en twee korte. Die zorgen voor de basistonen (tonica, bourdon). Een korte fluit met gaatjes speelt de muziek erom heen. Je hoort dus vier fluiten tegelijk en dat komt behoorlijk binnen, zeg maar. Ik heb tijdens een schots dinner een binnenoptreden van een piper meegemaakt. Je krijgt geen hap door je keel.

Een andere oertoepassing van muziek is gebruik te maken van het ritme. Dat kan een mars zijn tijdens het lopen, of tijdens de oogst van het koren. En natuurlijk DE DANS. Heel veel muziek is dansmuziek: Wals, Menuet, Tango, Rumba. En vooral vandaag de dag is muziek het belangrijkste element van al die dance events. Het is daarom heel aantrekkelijk om een muzikaal hoofdstuk aan dansmuziek te wijden:

Ritme, maatwissel, Erotiek, House, Metal je kunt het zo gek niet betekenen. 






























Reacties

Populaire posts van deze blog

K04 Muziek uit Italië (tm de barok)

K05 Italië in de Klassieke en de Romantische periode

K02 Het Orgel met aanverwante instrumenten